Geschiedenis Mastbos

In 2015 is het Mastbos 500 jaar oud! In die vijf eeuwen is het bos geteisterd door stormen, geplaagd door rupsen en geplunderd door soldaten, stropers en smokkelaars.Het Mastbos heeft heel wat doorstaan!

Het Mastbos is een van de alleroudste naaldbossen en het oudste cultuurbos van Nederland. Graaf Hendrik III van Nassau heeft het bos vanaf 1505 laten aanleggen met zaaigoed van de grove den uit Neurenberg in Duitsland. Voor de aanleg was in dit gebied een heideveld met een aantal kleinere eikenbossen. In 1800 werden grote delen van het bos door een enorme storm verwoest, waarna herplanting plaats vond. In deze periode is het bos verder uitgebreid richting Galderse heide.

De naam Mastbos zou betekenen bos van de pijnbomen, maar verwijst ook naar de lange rechte stammen van de bomen die voor de masten van boten werden gebruikt. Het Mastbos heeft in de loop der eeuwen hout geleverd voor onder meer de bouw van het Kasteel van Breda en de Spaanse vloot. Later leverde het masten voor de schepen van de VOC. Ook heeft het bos dienst gedaan als jachtgebied voor de Heren van Breda.

Het bos is nu relatief veel jonger dan honderd jaar geleden.

Tot 1899 behoorde het bos toe aan ons koningshuis. In dat jaar kwam het in bezit van Staatsbosbeheer, dat in hetzelfde jaar werd opgericht. Het Mastbos is dus een van de terreinen van ‘het eerste uur’ van deze organisatie.Staatsbosbeheer heeft het bos de laatste honderd jaar beplant en beheert en beschermt het nu tegen verdroging. Naast vernatting is het beheer gericht op verwildering. Gewoon de natuur z’n gang laten gaan. Dode bomen laten liggen om een betere habitat voor insecten en vogels te scheppen.

Oude Scheibeuk
foto-9-stervende-beuk-geschiedenis-wIndrukwekkend is de dertig meter brede kroon van de ruim 200-jarige oude scheibeuk op de hoek van de Lange Dreef en de Oude Postbaan. De vroeger rechthoekige bosvakken werden begrensd door scheidingsbeuken. Om de imposante kroon beter tot ontwikkeling te laten komen, heeft Staatsbosbeheer deze beuk vrij gezet door een rotonde aan te leggen waarvan de beuk het middelpunt vormt.